Van Nelle
Monument van de vooruitgang

 

Al sinds de oplevering in 1930 wordt de Van Nelle fabriek internationaal erkend als een van de fraaiste voorbeelden van moderne architectuur. Het gebouw, dat is ontstaan op een snijpunt van economische, technische, sociale, wereldbeschouwelijke en culturele ontwikkelingen, heeft zijn uitstraling tot op de dag van vandaag behouden, ook nadat het een heel andere bestemming kreeg.

Het bedrijf in koffie, thee en tabak van de Erven De Wed. J. van Nelle maakte in de jaren twintig een periode van bloei door, gelijktijdig met de economische opleving van de haven van Rotterdam. Nadat de oude fabrieken, die verspreid over de binnenstad lagen te klein waren geworden, nam de jonge firmant Kees van der Leeuw het initiatief tot de bouw van een nieuwe fabriek in de weilanden van de Spaanse Polder. Zeer geïnteresseerd in architectuur en de modernste bouwtechnieken, werkte hij nauw samen met de architecten Brinkman en Van der Vlugt. Zijn sociaal-economische ideologie – waarin zowel ruimte was voor een zo efficiënt mogelijke bedrijfsvoering als voor de vermeende behoeften van de arbeiders – gekoppeld aan een uitgesproken voorkeur voor functionalistische architectuur en vormgeving leidde tot een open gebouw waar licht en lucht de vrije loop hadden. Met gebruik van de nieuwste materialen en zonder decoraties toe te passen was de fabriek één grote oefening in de esthetiek van de toenmalige avant-garde. Al direct na oplevering werd het complex beschouwd als icoon van het Nieuwe Bouwen; een venster op de wereld van morgen.

Na de overname van Van Nelle door de firma Sara Lee/Douwe Egberts in 1989 verloor de fabriek voorgoed zijn oorspronkelijke functie en werden nieuwe plannen gemaakt die het monument de 21ste eeuw in moesten loodsen. Er werd een formule bedacht voor het ontwikkelen van een ‘Ontwerpfabriek’, hetgeen betekende dat de inmiddels verouderde gebouwen, ingericht voor de productie van koffie, thee en tabak moesten worden omgevormd tot een multidisciplinair kantoorgebouw voor bedrijven in de culturele sector. Zowel voor de renovatiearchitecten, als uit oogpunt van monumentenzorg en projectontwikkeling leverde dat een boeiend spanningsveld op tussen enerzijds de grenzen van het oorspronkelijke ontwerp en de idealen die daaraan ten grondslag lagen en anderzijds de eisen van de toekomstige gebruikers. Met de transformatie tot Ontwerpfabriek is een nieuwe periode in het leven van de Van Nelle fabriek aangebroken. De unieke verschijning en uitstraling blijken nog altijd niet aan aantrekkingskracht te hebben ingeboet. De nominatie voor de Unesco wereldmonumentenlijst moet in dit licht worden bezien. Het is dan ook een passend moment om het verleden en heden van het ‘glazen paleis’ voor eens en voor altijd vast te leggen.

Het schrijversteam heeft, zich meer dan bewust van de bijzondere ontstaansgeschiedenis en levensloop van de Van Nelle fabriek, het onderwerp vanuit diverse invalshoeken benaderd. Het resultaat is echter niet een in jargon geschreven, saaie en uitputtende bundel van artikelen, noch een modieus relatiegeschenkenboek. Integendeel, het is een volledige, maar toegankelijke publicatie die in het verlengde ligt van de soms complexe, maar vooral rijke en veelzijdige geschiedenis van de fabriek.

 

Van Nelle

Monument in progress (English edition)

 

Ever since it was built in 1930 the Van Nelle factory has been internationally acknowledged as one of the finest examples of modern architecture. The complex, which arose at a crossroads of economic, technical, social, philosophical and cultural developments, has retained its special aura right up to the present day, even now that it has been redeveloped for an entirely different purpose.

In the 1920s the coffee, tea and tobacco company owned by the Heirs of the Widow J. van Nelle experienced a period of prosperity that coincided with the economic expansion of the port of Rotterdam. The old factories scattered around the city centre were no longer big enough, and a young partner in the firm, Kees van der Leeuw, decided to have a new factory built in the meadowland of the Spaanse Polder. Fascinated as he was by architecture and the latest building techniques, he worked closely with the architects, Brinkman and Van der Vlugt. His socioeconomic ideology – in which there was room not only for efficient management but also for fulfilment of what he believed were the workers’ needs – and his marked preference for functionalist architecture and design resulted in an open building with plenty of sunlight and fresh air. Almost as soon as it was built the complex was hailed as an icon of Dutch functionalism – a window on tomorrow’s world. At the same time, myths began to form around the people and events that had brought the factory into being.

 

Financieel Dagblad, Ton Olde Monninkhof: "Een wereldmonument verdient een wereldboek."
Algemeen Dagblad, Menno Schenke: "De van Nelle Fabriek in Rotterdam is een icoon van Het Nieuwe Bouwen uit de eerste helft van de 20ste eeuw. Voor het eerst is haar geschiedenis compleet vastgelegd in woord en beeld."
Stedenbouw: "Nagenoeg definitief boek over de Van Nelle fabriek. Een afgewogen geheel."
Erfgoed: "Een schitterdend boek over de Van Nelle fabriek. Een Gesamtkunstwerk."

 

Joris Molenaar, Frank Kaufmann et al.

Redactie: Anne Mieke Backer, D’Laine Camp,
Matthijs Dicke

ISBN Nederlandse editie 90.6906.037.X
Prijs: € 79,90